Kroatië doorbreekt ECB-monopolie van Grote Vier

The long-held monopoly on European monetary power begins to dissolve into the salt.
Beeldcompositie · tobriefSinds de oprichting van de Europese Centrale Bank verdeelden vier landen de directie alsof het vaste eigendom was. Duitsland, Frankrijk, Italië en Spanje bezetten de zetels via een ongeschreven afspraak die in geen enkel verdrag stond, maar waar ook niemand doorheen kwam. Op 1 juni eindigt die praktijk. Boris Vujčić, gouverneur van de Kroatische centrale bank, wordt vice-president van de ECB en volgt de Spanjaard Luis de Guindos op. Kroatië trad in januari 2023 toe tot de euro. Sinds de oprichting van de ECB in 1998 had geen enkel land buiten de Grote Vier een zetel in de zeskoppige directie, het orgaan dat de dagelijkse leiding voert en permanent meestemt over de rente (Global Banking & Finance, Euronews).
Spanië kiest voor terugtrekken
Spanje besloot de zetel niet te bevechten. De regering-Sánchez zag af van een kandidaat, met een beroep op de informele regel dat één nationaliteit niet direct door dezelfde nationaliteit wordt opgevolgd. De echte inzet ligt verderop: in 2027 lopen drie directiezetels af, waaronder het presidentschap. Het niet-verlengbare mandaat van acht jaar van Christine Lagarde eindigt in oktober van dat jaar. Spanje wil die functie.
De Spaanse kandidaat is Pablo Hernández de Cos, voormalig gouverneur van de Banco de España en nu hoofd van de Bank voor Internationale Betalingen. De Guindos presenteerde zijn vertrek dan ook als tijdelijk: "Spanje is de vierde economie van de eurozone en ik ben ervan overtuigd dat het een zetel zal krijgen" (Global Banking & Finance). Die gok heeft wel binnenlandse risico's. Sánchez regeert met een minderheid in het parlement, is verzwakt door regionale nederlagen, en de huidige gouverneur van de Banco de España zou werken aan het ondermijnen van Hernández de Cos' kandidatuur.
De haviken grepen hun kans
Vujčić won omdat zijn monetaire instinct paste bij wat noordelijke eurolanden wilden. De Eurogroep, waarin de ministers van Financiën van de eurozone overleggen, droeg hem in januari na drie stemrondes voor. Hij versloeg de Fin Olli Rehn en de Portugees Mário Centeno. Zijn havikachtige lijn, met een voorkeur voor hogere rentes om inflatie onder controle te houden, sloot aan bij Duitsland, Oostenrijk en de Baltische staten. Precies die stem wilden zij op dat moment in de directie.
Centeno, een duif die soepeler monetair beleid voorstaat, bekritiseerde de Portugese regering openlijk omdat zij zijn kandidatuur te laat zou hebben gesteund. Zo'n publieke uitbrander van een zittende centralebankgouverneur is zeldzaam. Hij liet overigens goed zien dat de tegenstelling tussen haviken en duiven inmiddels minstens zo zwaar weegt bij ECB-benoemingen als nationaal lobbywerk.
De race om het presidentschap, en wie niet meestemt
De grotere prijs ligt in oktober 2027. Het ECB-presidentschap wordt gekozen door de Europese Raad, waar de regeringsleiders bijeenkomen. Daarvoor is een gekwalificeerde meerderheid nodig: 55% van de lidstaten, goed voor 65% van de EU-bevolking. Geen enkel land heeft alleen een veto, maar Duitsland en Frankrijk kunnen ieder wel blokkerende coalities bouwen. Spanje, Nederland en Duitsland hebben allemaal kandidaten in beeld.
Eén actor ontbreekt volledig in dat proces: het Europees Parlement. Het orgaan dat rechtstreeks door burgers in de eurozone wordt gekozen, heeft geen formele stem over wie de instelling leidt die hun rente bepaalt en hun leenkosten beïnvloedt. Het Parlement houdt hoorzittingen en geeft niet-bindende adviezen. De benoemingsmacht ligt bij nationale regeringen. Voor een instelling waarvan de besluiten doorwerken in iedere hypotheek en spaarrekening in eenentwintig landen, hebben kiezers dus geen betekenisvolle invloed op wie haar leidt.
De Kroatische zetel in de directie bewijst dat kleinere eurolanden kunnen doorbreken wanneer de politieke verhoudingen kloppen. Of dit een blijvende opening is of een eenmalige uitzondering, hangt volledig af van 2027. Als Spanje opnieuw een toppositie krijgt en de Grote Vier de rijen sluiten, wordt de benoeming van Vujčić een voetnoot: de eerste barst in een monopolie dat zich snel herstelde. Als kleinere economieën blijven meedingen, verschuift de interne machtskaart van de ECB voor het eerst sinds de invoering van de euro.
How was this article?
Help us get better
Help us get better
Details about this article
- Model:
- claude-opus-4-6
- Generated:
- 5/24/2026, 3:21:38 AM
- Pipeline run:
- eu_pipeline_20260524_015006
- Watermark:
- SynthID (Google's invisible watermark)
- Human review:
- None before publication